top of page

Robinia of eik: de vergelijking

Foto van schrijver: Ferdinand Terlinden
Ferdinand Terlinden
1 dag geleden
8 minuten om te lezen

Reeks Robinia · Houtsoorten vergelijken

Het edele hout van de Europese bossen tegenover de duurzaamste loofhoutsoort van Europa.

Eik is het grote constructiehout van West-Europa: eeuwenoude kapconstructies, parket, vaten. In contact met de grond houdt echter robinia (Robinia pseudoacacia, in de handel ook acacia of valse acacia genoemd) het langst stand: ongeveer 30 jaar voor een staak, tegen vijf tot tien jaar voor een vergelijkbare eiken staak.

De norm EN 350 deelt het kernhout van robinia in duurzaamheidsklasse 1-2 in; sinds de herziening van 2016 plaatst ze dat van Europese eik (Quercus robur, Quercus petraea) tussen de klassen 2 en 4. Dit is wat dat verschil verandert, en waar eik zijn voordeel behoudt.

~30 jaar tegen 5 tot 10

indicatieve levensduur van een staak in contact met de grond: robinia tegen eik

Weideafrastering met gekloofde robiniastaken en gaas, bestand tegen contact met de grond
Een gekloofde robiniastaak in contact met de grond: op het maaiveld, en nergens anders, ontstaat het verschil met eik.

Duurzaamheid: wat zeggen de normen werkelijk over eik en robinia?

De norm EN 350 deelt de natuurlijke duurzaamheid van hout tegen schimmels in, van 1 (zeer duurzaam) tot 5 (niet duurzaam). Het kernhout van robinia — het hart, het rijpe hout — is ingedeeld in 1 tot 2: het is de enige Europese loofhoutsoort die zonder behandeling bruikbaar is in gebruiksklasse 4 (EN 335), in permanent contact met de grond.

Europese eik is wisselvalliger dan zijn reputatie. De oude EN 350-2:1994 noemde hem eenvoudigweg „duurzaam”, klasse 2; de herziening van 2016 beschrijft het kernhout van Quercus robur en Quercus petraea over een bereik van klasse 2 tot klasse 4 (matig duurzaam), afhankelijk van de herkomst en de boom. Een robiniastaak kan dus in gebruiksklasse 4 worden gegarandeerd, een eiken staak nooit.

De mythe van de eeuwige eik: waarom hielden oude palen het zo lang uit?

Iedereen kent wel een telegraafpaal of een eiken dwarsligger die na vijftig jaar nog overeind staat. Drie verklaringen maken dat begrijpelijk, en geen enkele geldt voor een staak die u vandaag koopt.

Eerst de kwaliteit van het hout — en dat is de belangrijkste verklaring. Die stukken kwamen uit dichte opgaande bossen, anderhalve tot twee eeuwen dicht op elkaar opgekweekt: trage groei, fijne jaarringen, dicht hout, een kernhout dat bij het vellen al ruim gevormd was. De eik van vandaag, jonger geoogst in bestanden die worden gedund om snel te groeien, heeft die eigenschappen niet. Het is dezelfde boom, maar niet hetzelfde hout. De behandeling verklaart bij eik minder dan men denkt: in Frankrijk werden dwarsliggers van beuk en grenen met creosoot geïmpregneerd, terwijl eik vaak onbehandeld werd gelegd, omdat zijn natuurlijke duurzaamheid volstond.

Dan de doorsnede: een balk van 25 x 25 cm kan aan de buitenkant verscheidene centimeters verliezen zonder te bezwijken, een staak van 8 cm heeft geen enkele reserve. Tot slot de blootstelling: een boerenkapconstructie werkt beschut, in gebruiksklasse 1 of 2, waar bijna alle houtsoorten eeuwen meegaan. In contact met de grond en in kleine doorsnede wordt eik op vijf tot tien jaar geschat.

Het spinthout: hoeveel echt duurzaam hout bij gelijke doorsnede?

Het spinthout (de lichte ring van jong hout aan de buitenkant van de stam) is bij geen enkele houtsoort duurzaam: de norm EN 350 deelt het steevast in klasse 5 in. De vraag is dus niet „welke houtsoort”, maar „welk deel van de doorsnede is kernhout”.

Eik heeft een breed en duidelijk afgetekend spinthout, vaak verscheidene centimeters, dat volledig moet worden verwijderd, anders rot het stuk van buiten naar binnen. De breedte van dat spinthout hangt bovendien af van de groeisnelheid: een eik die snel is gegroeid in een gedund bestand, heeft er in centimeters duidelijk meer van dan een eik uit een dicht opgaand bos met nauwe jaarringen. Robinia heeft maar een smal spinthout, van enkele jaarringen: bij een ronde staak van 12 cm is dat verschil beslissend. Ons artikel over ronde, gezaagde of gekloofde staken licht dat toe.

Stapel gekloofde robiniastaken van kopse kant, donker kernhout en smal licht spinthout
Gekloofde staken van kopse kant gezien: het spinthout van robinia — de lichte buitenring — is smal, zodat bij gelijke doorsnede meer duurzaam hout overblijft dan bij eik.

Mechanica en looistoffen: hardheid, uitloopsporen en zwarte vlekken rond schroeven

Eerst de dichtheid, de maatstaf die overal hetzelfde betekent. Bij 12 % vocht liggen beide houtsoorten dicht bij elkaar: ongeveer 740 kg/m³ voor robinia, 650 tot 750 voor eik. Het verschil wordt groter bij de hardheid, de weerstand tegen indrukken. Volgens de Brinell-methode (EN 1534), de gangbare maatstaf in Nederland en België, haalt robinia ongeveer 46 N/mm² tegen ongeveer 34 voor eik: robinia is ongeveer een derde harder.

In Frankrijk gebruikt men een andere test, de Franse Monnin-test (NF B 51-013, ook Chalais-Meudon-proef genoemd), en daar zijn de cijfers misleidend: ongeveer 9,5 voor robinia tegen ongeveer 4,2 voor eik (CIRAD-waarden). Dat is geen cijfer op tien. De proef drukt een stalen cilinder van 30 mm diameter onder een genormaliseerde last in het hout en meet de indruk die achterblijft. De waarde N is het omgekeerde van de diepte van die indruk in millimeter: hoe dieper de cilinder zakt, hoe kleiner het getal. De schaal is dus open, stopt niet bij tien en is niet evenredig: de verhouding tussen twee Monnin-waarden zegt niet hoeveel harder een hout is. Voor die vergelijking gebruikt u de Brinell-waarden.

De gebruikelijke Franse ijkpunten: onder 1,5 voor zeer zachte houtsoorten zoals populier, 1,5 tot 3 voor naaldhout, 3 tot 6 voor halfharde loofhoutsoorten — daar zit eik, rond 4 —, 6 tot 9 voor harde houtsoorten, en boven 9 voor zeer harde houtsoorten, de categorie van de tropische terrashoutsoorten. Met ongeveer 9,5 valt onze robinia in die laatste klasse. Concreet betekent dat een oppervlak dat niet indeukt onder een hak, een hoef of een kruiwagenwiel, een terrasplank die op de looppaden niet uitslijt, en verplicht voorboren voor elke schroef — de keerzijde van de medaille, uitgewerkt in „Schroeven en bevestigingsmiddelen voor robinia”.

Eik is vooral een zeer looistofrijk hout: zijn hydrolyseerbare looistoffen, de ellagitanninen, maken ongeveer 10 % van de droge massa uit, tegen 2 tot 5 % voor het gemiddelde hout. Water voert ze naar het oppervlak en zet ze af als bruinzwarte uitloopsporen op pleisterwerk en steen. Die looistoffen tasten ook gewoon staal aan: het vrijgekomen ijzer vormt er zwartachtige ijzertannaten mee, die het hout rond de bevestigingen vlekken. Robinia is ook zuur (pH ongeveer 4,5) en vraagt hetzelfde roestvast staal — zie ons artikel over schroeven en bevestiging — maar geeft vrijwel geen uitloopsporen.

Waar eik duidelijk wint

De traditionele kapconstructie is het domein van eik, en robinia maakt daar geen aanspraak op: eik levert rechte balken in zware doorsnede over zes, acht, tien meter. Eik domineert ook het binnenschrijnwerk, parket en meubelmakerij, waar zijn regelmatige uiterlijk de maatstaf is, en de kuiperij is van hem — duighout, op kwartier gekloofde duigen, bestaat alleen in eik. Daarbij komen een sterke houtsector — in Frankrijk de belangrijkste loofhoutsoort van het land — en een unieke erfgoedwaarde.

Robinia heeft zelf beperkingen die gezegd moeten worden. De boom wordt op 25-30 jaar geoogst bij diameters van 15 tot 30 cm en groeit kronkelend: grote rechte lengtes zijn zeldzaam en vragen vingerlassen. Robinia uit onze zagerij in Teiu, in het district Hunedoara, blijft onregelmatiger van uiterlijk dan eik, en dit harde hout laat zich minder goed bewerken in fijn schrijnwerk.

Prijs en beschikbaarheid: wat vergelijkt u werkelijk?

Eik is een belangrijke Europese grondstof, maar zeer gegeerd: kuiperij, schrijnwerk, parket en export nemen de mooie rechte stammen af. Het hout dat overblijft voor een staak of een tuinborder is dus niet goedkoop, en ook niet de beste eik.

De juiste vergelijkingseenheid blijft de kost per gebruiksjaar: bij ongeveer 30 jaar tegen vijf tot tien moet u drie tot zes eiken staken plaatsen voor één robiniastaak, arbeid inbegrepen — berekening uitgewerkt in ons artikel over de prijs van robinia. Boven de grond wordt het verschil kleiner, en eik, tamme kastanje of gemodificeerd hout blijven verdedigbare keuzes.

Opslag van robiniastammen bij de zagerij van Acacia Bois in Teiu, sortering van de stammen voor het zagen
Stammenopslag van de zagerij: robinia wordt rond 25-30 jaar geoogst bij diameters van 15 tot 30 cm, terwijl een mooie eikenstam in eeuwen wordt geteld.

Criterium

Robinia

Europese eik

Duurzaamheid kernhout (EN 350)

Klasse 1-2

Klasse 2 tot 4 (sinds 2016)

Gebruiksklasse 4 zonder behandeling

Ja, enige Europese loofhoutsoort

Niet gegarandeerd

Staak in contact met de grond

~30 jaar

5 tot 10 jaar

Spinthout

Smal

Breed, niet duurzaam (klasse 5)

Dichtheid bij 12 % vocht

≈ 740 kg/m³

≈ 650-750 kg/m³

Hardheid: Franse Monnin-test (Brinell EN 1534)

≈ 9,5 (Brinell ≈ 46 N/mm²)

≈ 4,2 (Brinell ≈ 34 N/mm²)

Looistoffen

Nauwelijks uitloopsporen

Uitloopsporen en ijzertannaten

Grote rechte lengtes

Zeldzaam, vingerlassen

Uitstekend

Om te onthouden

· EN 350: kernhout van robinia in klasse 1-2, kernhout van Europese eik sinds 2016 in klasse 2 tot 4.

· In contact met de grond houdt een robiniastaak ongeveer 30 jaar, een eiken staak vijf tot tien jaar.

· Oud eikenhout dankt zijn lange levensduur aan trage groei in dichte opgaande bossen, zware doorsneden en beschut gebruik — niet aan een behandeling.

· Het spinthout van eik is breed en niet duurzaam (klasse 5): bij gelijke doorsnede minder duurzaam hout dan bij robinia.

· Eik blijft superieur in kapconstructies, binnenschrijnwerk, parket en kuiperij.

Veelgestelde vragen

Is eik geen onverrotbaar hout?

Geen enkel hout is onverrotbaar, en eik is geen uitzondering. De norm EN 350 plaatst het kernhout van Europese eik tussen klasse 2 en 4, afhankelijk van de herkomst en de boom, en zijn spinthout in klasse 5. Boven de grond gaat een eiken kapconstructie eeuwen mee; in permanent contact met de grond houdt een eiken staak vijf tot tien jaar. Robinia, ingedeeld in 1-2, is de enige Europese loofhoutsoort die zonder behandeling bruikbaar is in gebruiksklasse 4.

Waarom gingen oude eiken dwarsliggers en palen zo lang mee?

Drie redenen, en de behandeling is niet de belangrijkste. Die stukken kwamen in de eerste plaats uit dichte opgaande bossen: anderhalve eeuw trage groei geeft fijne jaarringen, dicht hout en een al goed gevormd kernhout, ver weg van een jong geoogste plantage-eik. Veel stukken hadden daarnaast enorme doorsneden, die aan de buitenkant verscheidene centimeters konden verliezen zonder te bezwijken. Tot slot werken oude kapconstructies beschut tegen regen, een blootstelling die niets te maken heeft met contact met de grond. In Frankrijk werd eik voor dwarsliggers overigens vaak onbehandeld gelegd: het waren beuk en grenen die met creosoot moesten worden behandeld.

Wordt eik zwart rond schroeven en beslag?

Ja, dat gebeurt vaak. Eik is rijk aan hydrolyseerbare looistoffen, de ellagitanninen, ongeveer 10 % van de droge massa. Bij vocht tasten die looistoffen gewoon staal aan; het vrijgekomen ijzer vormt er zwartachtige ijzertannaten mee, die het hout rond de bevestiging vlekken. Roestvaststalen schroeven zijn de enige betrouwbare oplossing. Robinia, dat ook zuur is, vraagt hetzelfde roestvast staal maar geeft vrijwel geen zulke vlekken.

Eik of robinia voor een terras buiten?

Beide houtsoorten houden boven de grond stand. Robinia neemt de voorsprong op hardheid — in Brinell ongeveer een derde harder dan eik —, op de duurzaamheid van het kernhout, ingedeeld in 1-2, en op het ontbreken van uitloopsporen door looistoffen. Eik biedt op zijn beurt een regelmatiger uiterlijk en grotere lengtes. In beide gevallen zijn regels (terrasdragers) in gebruiksklasse 4 en roestvaststalen schroeven verplicht.

Verder lezen

Contact: Twijfelt u over een concreet project? Beschrijf het gebruik en de blootstelling: de zagerij geeft u een eerlijk antwoord.

Disclaimer. Niet-contractueel artikel, ter informatie verstrekt (foto’s en schema’s inbegrepen). Robinia is een natuurlijke houtsoort: de vermelde waarden zijn ordes van grootte en kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd; bij afwijking gelden uitsluitend de technische fiche van het product en de algemene verkoopvoorwaarden. Controleer altijd de regelgeving die op uw project van toepassing is.

© Xylo Impact SRL — alle rechten voorbehouden, producten gecommercialiseerd onder het merk Robinia Palen. Elke reproductie, ook gedeeltelijk, is verboden zonder voorafgaande toestemming.

Opmerkingen


bottom of page